Ga naar pagina inhoud

In de Founder’s Seat: DEMCON unmanned systems

Een interview met Fedor Ester

DEMCON unmanned systems ontwikkelt autonome, onbemande vaartuigen voor inspectie, metingen en monitoring op het water. Vanuit de haven van Scheveningen, waar het bedrijf sinds 2024 gevestigd is, werkt het bedrijf aan vaartuigen die zelfstandig kunnen opereren op binnenwateren en op zee. Ze varen bijvoorbeeld rond offshore windparken en voeren metingen uit rond offshore-infrastructuur.

Het bedrijf is opgericht door Fedor Ester, Barth Vrijling en Yannic van Moerkerk en onderdeel van de DEMCON groep. We spreken met Fedor, directeur en co-founder, over autonome scheepvaart, innovatie en de ontwikkeling van het bedrijf.

Vandaag in de Founder’s Seat:

Fedor Ester, oprichter van DEMCON unmanned systems

Varende drones, vertel. Wat zijn dat precies?

“Wij bouwen onbemande vaartuigen van 1 tot 24 meter. De meeste zijn 3 of 7 meter en worden met name ingezet voor hydrografie, zoals het in kaart brengen van de bodem. Wij leveren het vaartuigplatform en zorgen ervoor dat het vaart. De klant bepaalt wat ermee moet gebeuren en bepaalt welke sensoren en meetapparatuur worden toegevoegd. 

Daarnaast ontwikkelen we ook de randapparatuur voor onze vaartuigen. In de maritieme markt is veel apparatuur vaak groot en zwaar. Dat werkt niet op een klein onbemand vaartuig. Soms betekent dit dat we zelf iets moeten ontwikkelen, zoals bijvoorbeeld een kleine lier voor dieptemetingen.”

Wat is jullie missie?

“Het werken op het water veiliger en milieuvriendelijker maken. Met de robotica-oplossingen die wij leveren kunnen we zorgen dat de kapitein en bemanning aan wal kunnen blijven. Inspectietaken kunnen we daardoor veiliger maken, met veel minder materieel en milieuvriendelijker uitvoeren.”

Kun je uitleggen wat er precies milieuvriendelijk is aan jullie oplossingen?

“Omdat mensen zelf niet fysiek aanwezig hoeven te zijn aan boord, heb je alle faciliteiten voor de bemanning niet nodig en kan je kleinere boten bouwen en heb je minder materiaal verbruik. Doordat de boot kleiner en lichter is, kun je vervolgens eenvoudiger elektrisch of hybride varen.”

Waarom is specifiek de haven van Scheveningen zo geschikt voor jullie?

“De belangrijkste reden is dat wij hier direct toegang hebben tot de zee. Je vaart hier in één minuut de  zee op. We hebben hier een heel mooi testvak voor de kust liggen in het aanvaringsgebied van de havenmeester. Die heeft de autoriteit om dit soort zaken te faciliteren. En hij heeft vanuit de gemeente Den Haag en Campus@Sea de missie meegekregen: meer experimenten faciliteren en testen. Daardoor kunnen wij makkelijker opereren.

In andere havens moet je altijd volgboten meenemen, of moet je heel lang varen totdat je bij de zee bent en veel ander vaarverkeer voorrang geven. Dat is operationeel gezien uitdagender. Hier in Scheveningen is de vrijheid om te kunnen testen op zee heel groot, dat was voor ons een belangrijke reden om het bedrijf hier te vestigen.”

Merken jullie dat Den Haag bewust bezig is met de ontwikkeling van dit gebied?

“Ja, dat zie je ook terug in de Havenvisie. Daarin is bewust gekozen voor technologie en innovatie als duidelijke focus voor de derde haven. Dat alles moet nog wel vorm krijgen, maar het sluit aan bij waarom wij hierheen zijn gegaan.”

Jullie zijn ooit begonnen met vliegende drones, maar toen die markt begon te verzadigen, hebben jullie de focus verschoven naar varende drones. Verwacht je dat veel taken ook zo kunnen verschuiven naar varende drones?

“We zijn inderdaad eerst met een ander bedrijf begonnen, gericht op vliegende drones. Maar dat was al snel een verzadigde markt. Bij toeval kwamen we erachter dat het varende domein nog heel jong was en achterliep qua technologie als het gaat om onbemande boten. Toen hebben we de omslag gemaakt en zijn we begonnen met het bouwen van onbemande boten. We kregen het vertrouwen van een eerste grote klant om het ook echt in de praktijk te brengen.

Ik verwacht wel dat sommige taken verschuiven van vliegende drones naar varende drones, maar het is nog altijd een nichemarkt. De regelgeving is er nog niet helemaal op ingericht, waardoor je deze oplossingen niet zomaar kan inzetten. De markt is sterk in ontwikkeling en tegelijkertijd zijn er veel mogelijkheden om te experimenteren. Er zijn afgelopen jaar in Nederland nieuwe vergunningskaders geïmplementeerd, daarmee is de inzetbaarheid vergroot.”

Wat houdt jullie tegen om eventueel te groeien, welke regels werken tegen?

“Het is niet één ding. Onze techniek is nieuw op alle fronten: een kapitein die aan wal staat, een nieuwe workflow, nieuwe technologie. En hoe werkt het bijvoorbeeld met de aansprakelijkheid? Er zit geen kapitein op het schip, dus hoe zit het dan met de verzekering? Dat zijn heel veel puzzelstukjes die uitgezocht moeten worden, daaraan merk je dat de markt nog niet zo snel meebeweegt. We zijn dus echt vroeg in de markt. Onze rol is om mee te bewegen met die ontwikkelingen en onze oplossingen daarop aan te passen.”

En hoe lang gaat het duren voordat deze markt verzadigd is?

“Ik denk dat dat nog wel even duurt. We zien dat de defensietak een enorme vlucht krijgt op wereldwijde schaal. Er worden steeds meer droneboten ingezet en dat versnelt de markt in zijn totaliteit. Dus de komende 10 jaar is het nog wel ruimschoots een groeimarkt, verwacht ik.”

Jullie maakten op tijd de omslag naar onbemande vaartuigen. Hoe bepaal je wanneer je vasthoudt aan een richting en wanneer je moet bijsturen?

“Dat is lastig precies te plannen. Je moet goed blijven kijken waar de markt naartoe beweegt en tegelijkertijd accepteren dat je soms een risico neemt voordat alles zeker is. Grote bedrijven zijn vaak risico-avers, omdat ze zekerheid willen over hun bestaansrecht. Als kleiner bedrijf moet je eeder durven kiezen. Dan helpt geluk, maar vooral ook hard werken en op tijd herkennen waar ruimte ontstaat.”

Het interview gaat verder onder de afbeelding.

Wat is volgens jou iets waarvan mensen nu nog denken: “dat kan niet”, maar wat over vijf jaar heel normaal is?

“Ik denk dat mensen zich verbazen over hoe ver geautomatiseerd dingen al uitgevoerd kunnen worden. Het blijft natuurlijk wel techniek, dus de kans op falen is aanwezig. Als er een keer iets misgaat, is de weerstand meteen heel groot. Het mag eigenlijk niet fout gaan en dat beperkt ook de adoptiegraad van iets nieuws.”

Hoe hoog zijn die risico’s als er iets fout gaat?

“Dat is afhankelijk van het type vaartuig. Hoe groter de boot, hoe groter het risico wordt op bijvoorbeeld botsingen, lekkages, aanvaringen met een persoon, etcetera. Dat zijn natuurlijk de rampscenario’s. In ons domein van kleine en onbemande vaartuigen, tussen de 1 en 24 meter, is het risico veel beperkter. Maar er ontwikkelt zich ook een heel domein op vergaand geautomatiseerd varen, met grotere vaartuigen en grotere afstanden. Daar zijn de risico’s groter, dus binnen dat domein zullen de ontwikkelingen niet heel snel gaan verwacht ik.”

Worden jullie omarmd door de maritieme markt, of zijn jullie de vreemde eend?

“De maritieme markt is vrij conservatief en traditioneel. Maar ze zien tegelijkertijd de kansen en lopen tegen uitdagingen aan, dus de interesse in onbemand varen neemt toe. Het komt langzaam steeds meer op gang. En dat moet ook wel, zij moeten ook verduurzamen, er is personeelstekort en er worden meer regels aan veiligheid gesteld. Die ontwikkeling is niet eenvoudig; er is nog veel afstemming nodig tussen technologie, regelgeving en de praktijk. Er moeten gesprekken plaatsvinden over hoe we waarde kunnen toevoegen en hoe de nieuwe technologie geïntegreerd kan worden in bestaande workflows.

Want onbemand betekent niet dat er helemaal geen mens meer bij betrokken is. Er zit nog steeds iemand aan wal die het vaartuig bestuurt.”

Het interview gaat verder onder de afbeelding.

Hoe wek je dan vertrouwen in zo’n traditionele branche?

“Heel veel meetings, gesprekken voeren, uitleggen, nog eens uitleggen, laten zien, testcases delen. We hebben het voordeel dat we met grote partijen zoals Van Oord én Rijkswaterstaat mogen werken. Het wekt vertrouwen als je zulke klanten in je portfolio hebt. En kwaliteit staat bij ons heel hoog in het vaandel, maar dat is nog wel eens moeilijk over te brengen. Want in een nieuwe markt heb je altijd heel veel cowboys, met goedkopere oplossingen van mindere kwaliteit. Wij proberen juist aan de andere kant van het spectrum te zitten, we zijn niet goedkoop maar we leveren wel hoge kwaliteit. En dat kunnen we gelukkig goed overbrengen met onze klantportfolio.”

Is er een casus of voorbeeld die erg spreekt voor het Haagse?

“Doordat wij nu in Den Haag zitten, zijn we in contact gekomen met Rederij Groen en we kijken nu samen hoe we onbemande vaartuigen kunnen inzetten in de rederij. Hoe zij kunnen innoveren met onbemande vaartuigen. Zij hebben een grote vloot met traditionele schepen voor onder andere seismische metingen en kabelbeveiliging. Nu onderzoeken ze hoe ze dat duurzamer kunnen maken en of onbemande vaartuigen daar een oplossing voor kunnen zijn. Dat is nou typisch iets leuks aan het Haagse netwerk en iets wat door het ecosysteem hier mogelijk wordt gemaakt. En je ziet dat het ecosysteem steeds meer aan het groeien is.”

Kunnen we jullie zien varen hier in Scheveningen?

“Bijna elke dag! We testen regelmatig in de derde haven.”

Als impact ondernemer: hoe zoek je de balans tussen goed doen én zaken doen?

“In ons geval is dat relatief makkelijk, omdat de sector moet vergroenen. Onze klanten hebben die drive zelf ook. De maritieme sector is in transitie, dus dat helpt enorm.”